Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2003

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF6983.

18. Artikel 3:86, vierde lid, BW verklaart voor wat betreft de verjaring van de in het derde lid vermelde termijn van drie jaar de artikelen 3:316, 3:318 en 3:319 BW van overeenkomstige toepassing. Stuiting van de verjaring op de voet van art. 3:317 BW door middel van een schriftelijke aanmaning is dus niet mogelijk. Deze mogelijkheid werd door de wetgever doelbewust uitgesloten omdat deze niet strookt met de rechtszekerheid waar art. 3:86, derde lid, BW het oog op heeft (Parlementaire geschiedenis Invoering Boek 3 BW, p. 1225-1226).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0faa53cbf14fd2d56d2e1ff46b16d5c35c531a911c449014694091757cc9c9f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0faa53cbf14fd2d56d2e1ff46b16d5c35c531a911c449014694091757cc9c9f4, en de alinea staat in dat document op bytes 11437 tot 11990.