Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7002.

3.5 Wél mogelijk is m.i. Revabo niet-ontvankelijk te verklaren omdat zij ten onrechte bij de Rechtbank heeft aangeklopt en vervolgens bij Uw Raad klachten ventileert tegen haar oordeel. Wanneer partijen of de meest gerede hunner nalaten te wijzen op het niet open staan van hoger beroep en de appèlrechter niet opmerkt dat dit niet openstaat, is niet onredelijk hen (in beginsel) aan zijn uitkomst gebonden te achten. Deze hebben zij immers klaarblijkelijk gewild. Dat de appèlrechter de zaak ten onrechte inhoudelijk heeft beoordeeld, brengt evenwel niet mee dat vervolgens ook nog een derde instantie zich over de zaak moet buigen. Anders gezegd: Uw Raad zou m.i. kunnen constateren dat, bij het volgen van de juiste weg, het onderhavige cassatieberoep nimmer had opengestaan.(5) Het lijkt vervolgens geen vermetele stap ambtshalve niet-ontvankelijkheid uit te spreken wanneer, in strijd met het wettelijk stelsel, partijen toch bij Uw Raad belanden met een geschil over een uitspraak die zij wensten, maar die er niet had mogen zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/430e80ab2db2c4f3ae6a7465b9d67b7ff933455a8bd1f22f5ab2e20c92c4723b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 430e80ab2db2c4f3ae6a7465b9d67b7ff933455a8bd1f22f5ab2e20c92c4723b, en de alinea staat in dat document op bytes 8030 tot 9082.