Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003
Alinea 112 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7004.
24 Het is in dit verband niet nodig om in te gaan op de vraag - die in de literatuur bij herhaling wordt opgeworpen - of juist is dat ook een wettelijke regeling die er in voorziet dat een crediteur de voor zijn rekening komende incassokosten slechts gedeeltelijk op de debiteur kan verhalen, beantwoordt aan de norm die de Richtlijn op dit punt beoogt te stellen. De regering heeft in de stukken rond de implementatiewet (wetsontwerp 28 239) het standpunt ingenomen dat inderdaad een partiële vergoeding van kosten aan de door de Richtlijn beoogde redelijkheid kan beantwoorden. Zie voor uitingen van twijfel op dit punt o.a. Freudenthal, NJB 2002, p. 1245; Knijp - Lindenbergh, NbBW 2002, p. 103; Venhuizen, Executief 2002, p. 174. Ofschoon dit vraagpunt in deze zaak niet hoeft te worden opgelost, veroorloof ik mij de ontboezeming dat het standpunt van de regering niet dadelijk lijkt te stroken met de aan de Richtlijn ten grondslag liggende overwegingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8096283dbccd3f7e3959a1facaad51dacf1ca5630efd366c554996ffef6c921d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8096283dbccd3f7e3959a1facaad51dacf1ca5630efd366c554996ffef6c921d, en de alinea staat in dat document op bytes 54745 tot 55720.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8096283dbccd3f7e3959a1facaad51dacf1ca5630efd366c554996ffef6c921d | shasum -a 256