Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2003

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7005.

16. Naar Nederlands-Antilliaans en Arubaans internationaal privaatrecht worden aan de erkenning van vreemde vonnissen in het algemeen dezelfde voorwaarden gesteld als naar Nederlands internationaal privaatrecht: als de buitenlandse rechter zich op een internationaal aanvaarde grond bevoegd heeft geacht, het vonnis tot stand is gekomen na een behoorlijke rechtspleging en erkenning van het vonnis niet in strijd is met de openbare orde, komt het vreemde vonnis in beginsel voor erkenning in aanmerking. Zie M.H. ten Wolde, Internationaal en interregionaal privaatrecht, in: P.J. Duinkerken en M.A. Loth (red.), Inleiding tot het Nederlands-Antilliaans recht, 1997, blz. 401 e.v., blz. 412.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69200f47abe28fb5018831b6a107168d33bd0801c44665edd4564d3432c1e8f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69200f47abe28fb5018831b6a107168d33bd0801c44665edd4564d3432c1e8f4, en de alinea staat in dat document op bytes 18043 tot 18746.