Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7331.

11. Aan de beperkte uitleg die het Hof heeft gegeven aan art. 126i Sv, kleeft het bezwaar dat in de voorbereidende sfeer van het door het Hof als pseudokoop aangemerkte daadwerkelijke afnemen van gekochte goederen ruimte bestaat voor ongenormeerde opsporingshandelingen met - zoals de commissie Van Traa(2) heeft laten zien - alle gevaar van dien. De uitleg van het Hof strookt ook niet met de bedoeling van de wetgever de controle op de hantering van opsporingsmethoden te vergroten(3). Voorts bergt de door het Hof gekozen uitleg het gevaar in zich dat een opsporingsambtenaar die in het kader van pseudokoop een koopovereenkomst sluit, zich schuldig maakt aan voorbereidingshandelingen als bedoeld in art. 10a Opiumwet zonder dat hij zich kan beroepen op het bepaalde in art. 43 Sr. Een bevel van de officier van justitie ontbreekt immers. Mede om dat probleem te voorkomen heeft de wetgever pseudokoop aan het bevel van een officier van justitie gebonden(4).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/59c563c9649a48eccc054795c04097853b6cb2ed2c5c7b4bd13ea391bc57edbf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 59c563c9649a48eccc054795c04097853b6cb2ed2c5c7b4bd13ea391bc57edbf, en de alinea staat in dat document op bytes 13486 tot 14461.