Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003
Alinea 72 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7331.
17. Zoals volgt uit hetgeen ik heb uiteengezet naar aanleiding van het eerste middel is in het onderhavige geval sprake van pseudokoop in de zin van art. 126i Sv. Volgens het tweede lid van deze bepaling heeft de Franse opsporingsambtenaar verdachte niet mogen brengen tot andere strafbare feiten dan die waarop diens opzet tevoren was gericht. Anders dan de steller van het middel lijkt te veronderstellen is het niet zo dat bij het bezigen van door pseudokoop verkregen bewijs steeds moet blijken dat het bepaalde in art. 126i lid 2 Sv is nageleefd. Behoudens aanwijzingen voor het tegendeel mag de rechter ervan uitgaan dat de opsporingsambtenaar zich houdt aan deze bepaling. Wordt ter zake een met redenen omkleed verweer gevoerd dan moet de rechter dit verweer uiteraard weerleggen(5). Op dit punt verschilt de verkrijging van bewijs door pseudokoop niet van de verkrijging van bewijs op andere wijze.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/59c563c9649a48eccc054795c04097853b6cb2ed2c5c7b4bd13ea391bc57edbf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 59c563c9649a48eccc054795c04097853b6cb2ed2c5c7b4bd13ea391bc57edbf, en de alinea staat in dat document op bytes 19934 tot 20854.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/59c563c9649a48eccc054795c04097853b6cb2ed2c5c7b4bd13ea391bc57edbf | shasum -a 256