Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7512.

Overigens heeft het hof [eiser] aansprakelijk gehouden voor een (ook door [eiser] gepleegde) wederrechtelijke toeëigening in de zin van art. 321 Sr. Dat oordeel, waaraan - buiten het geval dat alsnog van medeweten of instemming van Carned Lease zou blijken - de door [eiser] bedoelde aantekening op de orderbevestiging en de aan [betrokkene 1] beweerdelijk gedane mededelingen om de hiervóór (onder 2.6) reeds besproken redenen niet kunnen afdoen, impliceert een (voldoende ernstig) persoonlijk verwijt, welke maatstaf men hier ook zou willen hanteren(26).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd778700ac3c5da6209028912fd21bece35d384942f3894cf5490cad7e0ab7af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd778700ac3c5da6209028912fd21bece35d384942f3894cf5490cad7e0ab7af, en de alinea staat in dat document op bytes 25159 tot 25732.