Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7528.

4.14. Opgevat als motiveringsklacht, kunnen de hier besproken middelonderdelen evenmin slagen. Het hof is uitgegaan van een juiste maatstaf, nl. of Bruca c.s. auteursrechtelijk beschermde trekken herkenbaar hebben overgenomen, waarbij het mede gaat om de totaalindruk die beide objecten bieden, en in het verlengde daarvan of Bruca c.s. voldoende afstand tot het traphekje van Baby Dan hebben gehouden, mede in het licht van de voor een traphekje noodzakelijke technische eisen. Bij zijn waarderingsoordeel heeft het hof rekening gehouden met de aard van het onderhavige (verondersteld auteursrecht beschermde) werk, te weten een traphekje, en zich rekenschap gegeven van de (notoire) omstandigheid dat een zodanig object naar zijn aard aan technische eisen moet voldoen.(12) Dit oordeel is niet onbegrijpelijk en de uitkomst ervan, laat, verweven als het is met de feitelijke omstandigheden van het geval, geen verdere toetsing in cassatie toe. Het oordeel behoefde geen nadere motivering. Specifieke klachten waarom het oordeel (overigens) onbegrijpelijk zou zijn, zijn in het middel niet te vinden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcc35e3e54f82383d114c1a0e9e25f52601b68766a8c3a5def827b85a396dffe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcc35e3e54f82383d114c1a0e9e25f52601b68766a8c3a5def827b85a396dffe, en de alinea staat in dat document op bytes 20877 tot 21992.