Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Alinea 87 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7537.

"als een soort ultimum remedium te beschouwen waarvan met terughoudendheid gebruik zou moeten worden gemaakt. Dat betekent in mijn ogen dat de partij die er achter komt dat zijn procureur een (onder art. 263 Rv vallende) proces-handeling heeft verricht zonder daartoe bevoegd te zijn geweest, zo snel mogelijk dit kenbaar maakt aan de wederpartij en, indien deze niet bereid is in der minne het ontstane probleem op te lossen, met bekwame spoed het middel toepast, om te voorkomen dat verdere, mogelijk later van onwaarde blijkende procesverrichtingen plaatsvinden alvorens op het desaveu - dat schorsende werking heeft, zie art. 266 Rv - is beslist".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6b05b1ce8baefa926753b976479bf1b89f782ab509e72c12afdd45b1ed57a0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6b05b1ce8baefa926753b976479bf1b89f782ab509e72c12afdd45b1ed57a0a, en de alinea staat in dat document op bytes 33014 tot 33678.