Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7539.

2.3 In het licht van de stellingen van partijen in de feitelijke instanties is althans zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk op grond waarvan het Hof heeft vastgesteld dat [eiser] aan [verweerster] een aanbod heeft gedaan, welk aanbod [verweerster] vervolgens heeft aanvaard. De verklaring van 26 september 1990 biedt voor deze vaststelling geen enkel aanknopingspunt. Voor de bestreden vaststelling is hooguit enige steun te vinden in de stellingen van [verweerster], waar zij (bij conclusie van repliek, onder 4) heeft gesteld dat [eiser] de koopovereenkomst had opgemaakt en waar zij (bij pleidooi in hoger beroep; zie de pleitaantekeningen van mr. R. Marchena) heeft doen opmerken:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0245994594ca9ad3dc44531d6c2e3bf426efa76a5c51264e3d4419b72d3c5068. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0245994594ca9ad3dc44531d6c2e3bf426efa76a5c51264e3d4419b72d3c5068, en de alinea staat in dat document op bytes 14478 tot 15197.