Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7539.

Het Hof kon de bestreden vaststelling echter niet, althans niet zonder nadere motivering, op de bij repliek en bij pleidooi in hoger beroep geschetste chronologie baseren, al was het maar omdat [eiser] steeds heeft gesteld dat het initiatief met betrekking tot de verklaring (het beweerde aanbod) niet van hem maar van [verweerster] (die hem de verklaring ter ondertekening zou hebben voorgelegd) was uitgegaan en dat betaling van het bedrag van Afl. 2.500,- (de beweerde aanvaarding) reeds vóór ondertekening van die verklaring (en in geheel ander verband) had plaatsgehad(9). In zoverre acht ik het onderdeel gegrond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0245994594ca9ad3dc44531d6c2e3bf426efa76a5c51264e3d4419b72d3c5068. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0245994594ca9ad3dc44531d6c2e3bf426efa76a5c51264e3d4419b72d3c5068, en de alinea staat in dat document op bytes 15861 tot 16495.