Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003
Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7539.
Op de totstandkoming van een overeenkomst wijst in elk geval de verklaring van 26 september 1990, die op grond van art. 136 lid 2 RvNA dwingend bewijs oplevert van de waarheid van hetgeen daarin wordt verklaard. Op grond van art. 130 lid 2 RvNA staat tegenbewijs echter vrij, althans buiten het (zich hier naar mijn mening niet voordoende) geval dat de wet het uitsluit. In dit verband is van belang, dat [eiser] steeds heeft gesteld dat hij de verklaring heeft ondertekend terwijl hij dronken was, de Nederlandse taal niet beheerste en over de inhoud van de verklaring onjuist door [verweerster] was geïnformeerd(10). Indien daarvan zou moeten worden uitgegaan, zouden deze omstandigheden afbreuk kunnen doen aan de betekenis van de verklaring als belichaming of bewijs van een tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. Voorts is van belang dat [eiser], zij het in algemene zin, bewijs van zijn stellingen heeft aangeboden(11). Bij die stand van zaken is door [eiser] te leveren tegenbewijs tegen het uit de onderhandse akte van 26 september 1990 voortvloeiende, dwingende bewijs niet bij voorbaat uitgesloten, zodat [eiser] wel degelijk belang heeft bij het onderdeel, voor zover daarmee over de vaststellingen met betrekking tot een door [verweerster] aanvaard aanbod van [eiser] wordt geklaagd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0245994594ca9ad3dc44531d6c2e3bf426efa76a5c51264e3d4419b72d3c5068. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0245994594ca9ad3dc44531d6c2e3bf426efa76a5c51264e3d4419b72d3c5068, en de alinea staat in dat document op bytes 16857 tot 18175.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0245994594ca9ad3dc44531d6c2e3bf426efa76a5c51264e3d4419b72d3c5068 | shasum -a 256