Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7542.

Art. 352 lid 1 Fw regelt de procedure aan het einde van de termijn gedurende welke de toepassing van de schuldsaneringsregeling van kracht is (de "gewone" beëindiging(14)). Volgens de bepaling wordt uiterlijk één maand voor het aflopen van die termijn een datum vastgesteld voor de zogenaamde beëindigingszitting. Ingevolge art. 354 lid 1 Fw beoordeelt de rechtbank of de schuldenaar in de nakoming van een of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen is tekortgeschoten en, indien er sprake is van een tekortkoming, of deze aan de schuldenaar kan worden toegerekend. Op grond van het tweede lid kan de rechtbank daarbij bepalen dat de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, buiten beschouwing blijft. Een en ander is op grond van art. 358 lid 2 Fw van belang voor het al dan niet gelden van de "schone lei".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ffe6f61336700b3aaaf4c057a95eba71770e83053c71aec7922c06252cb50c25. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ffe6f61336700b3aaaf4c057a95eba71770e83053c71aec7922c06252cb50c25, en de alinea staat in dat document op bytes 21048 tot 21922.