Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7557.

2.3. Het voordeel behaald bij de fictieve vervreemding bedoeld in artikel 20a, lid 6, werd geacht te zijn genoten op het tijdstip dat onmiddellijk voorafging aan het ophouden van de binnenlandse belastingplicht (artikel 20h, lid 3, Wet IB 1964).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/16aca87fe534971a75fa9d161af9334d736dd96c69db26eece75af14a1dca939. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 16aca87fe534971a75fa9d161af9334d736dd96c69db26eece75af14a1dca939, en de alinea staat in dat document op bytes 12770 tot 13028.