Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7674.

19. Het door het onderdeel gekozen uitgangspunt mist feitelijke grondslag. Bezien in samenhang met de daaraan voorafgaande rechtsoverwegingingen heeft r.o. 5.10 van het bestreden vonnis uitsluitend betrekking op de vraag of de kennisgeving van de oproeping regelmatig is geschied. Onderdeel 3 is derhalve tevergeefs voorgesteld. Ik voeg hieraan toe dat, mocht in de procedure na verwijzing komen vast te staan dat [verweerder] de oproeping voor het Landgericht Kleve daadwerkelijk heeft ontvangen, alsnog de vraag of aan het tijdigheidsvereiste is voldaan aan de orde kan komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98bdd31769766d43f86f1ea77351c359649258984d2ac34667231c969b3f51c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98bdd31769766d43f86f1ea77351c359649258984d2ac34667231c969b3f51c2, en de alinea staat in dat document op bytes 19676 tot 20267.