Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7676.

14) Ik veroorloof mij deze opmerkingen - en verexcuseer mij ervoor, dat die in de onderhavige zaak goeddeels "beside the point" zijn - omdat ik meen dat ook in het thans geldende procesrecht art. 134 Rv. meebrengt dat partijen het recht hebben om hun zaken te (doen) bepleiten, tenzij de uitzondering van art. 134 lid 1, tweede volzin Rv. zich voordoet(10). Het ligt voor de hand dat voor dat recht dezelfde regels gelden, die de Hoge Raad voor de toepassing van art. 144 Rv. (oud) heeft ontwikkeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c134a1825226a448350b2ed228234f239c5a3cdfd3ff6b02a659b2cd71d88bf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c134a1825226a448350b2ed228234f239c5a3cdfd3ff6b02a659b2cd71d88bf, en de alinea staat in dat document op bytes 12504 tot 13017.