Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003

Alinea 194 Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7677.

Zou (i) 's hofs rov. 8, door de volzin 'Het hof verenigt zich met de overwegingen van de rechtbank terzake' tóch gelezen moeten worden in die zin dat het hof daarbij de rovv. 15 en 16 als mededragend voor zijn oordeel ten deze zou hebben overgenomen en zou (ii) de rechtbank en daarmee het hof [betrokkene 1] ten onrechte als partijgetuige in de zin van art. 213, lid 1 (oud) Rv. hebben aangemerkt, dan kan de klacht evenmin slagen. [betrokkene 1] heeft immers zijn getuigenis mogen afleggen.(21) Tegen de waardering daarvan als zodanig richt zich geen klacht. Een zodanige klacht zou overigens afstuiten op de aan de feitenrechter voorbehouden waardering van het bewijsmateriaal. In deze lezing heeft het hof, net als de rechtbank in haar rov. 16, niet de stelling van Timco verworpen dat er voldoende bewijsmateriaal van de kant van Timco was om ter aanvulling daarvan een partijgetuigenis te aanvaarden. Het hof heeft, net als de rechtbank, geoordeeld dat de (partij)getuigenis van [betrokkene 1], evenals hetgeen Timco overigens ter fine van bewijslevering had aangedragen, onvoldoende gewicht in de schaal legde om het tegenbewijs geleverd te achten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa2a2a2b58cd3e22db388671ab9b1a64e157752cff0931992c1839d22fb0cd7f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa2a2a2b58cd3e22db388671ab9b1a64e157752cff0931992c1839d22fb0cd7f, en de alinea staat in dat document op bytes 56695 tot 57864.