Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 augustus 2003
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 8 augustus 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 augustus 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7690.
2.1. Bij de berekening van de schadeloosstelling bij onteigening geldt als uitgangspunt dat de als rechtstreeks en noodzakelijk gevolg van de onteigening te lijden schade, volledig moet worden vergoed (zie de art. 40 en 41a Onteigeningswet). Voor de huurder van bedrijfsruimte is dit uitgangspunt neergelegd in art. 42, lid 1, Onteigeningswet. De huurder van andere dan bedrijfsruimte (waaronder woonruimte) heeft ingevolge art. 42, lid 2, Onteigeningswet slechts recht op een forfaitaire schadeloosstelling van tweemaal de jaarhuur. Deze ongelijke behandeling tussen huurders van bedrijfsruimten ten opzichte van huurders van andere ruimten is door de Hoge Raad opgeheven bij zijn arrest van 30 november 1994 (het Witte Paard), na conclusie A-G Loeb, NJ 1995, 668 m.nt. Mörzer Bruyns. De Hoge Raad oordeelde in dat arrest de ontneming van het huurrecht tegen de gefixeerde schadeloosstelling van art. 42, lid 2 onder omstandigheden onverenigbaar met art. 1 van het Protocol nr. 1 bij het EVRM (hierna: het Protocol). Hij overwoog:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/37a923a560411bc772fa10e811760f4e44811f96f938e8ff236f245fade278a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 37a923a560411bc772fa10e811760f4e44811f96f938e8ff236f245fade278a3, en de alinea staat in dat document op bytes 8243 tot 9288.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/37a923a560411bc772fa10e811760f4e44811f96f938e8ff236f245fade278a3 | shasum -a 256