Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003
Alinea 134 Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7885.
3.10 In de aangevochten overweging, waarmee het hof blijkens de aanhef overigens reageert op een tegen "geïntimeerden" en niet (uitsluitend) de Provincie gericht betoog, lees ik slechts een oordeel over de rechtmatigheid van het (door anderen dan de Provincie verrichte) storten en verwerken gedurende (wat het hof heeft genoemd:) "de vergunningloze periodes". Volgens het hof "(...) is dit achteraf door een vergunning gedekte handelen niet onrechtmatig". Het subonderdeel, dat in de aangevochten overweging kennelijk een oordeel over het handelen van de Provincie gedurende de bedoelde perioden leest, mist mijns inziens feitelijke grondslag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77cf16d2c5ad941ca9b461957cadbbef56143e6009693e87b5d22b35e01dd42b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77cf16d2c5ad941ca9b461957cadbbef56143e6009693e87b5d22b35e01dd42b, en de alinea staat in dat document op bytes 78368 tot 79026.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/77cf16d2c5ad941ca9b461957cadbbef56143e6009693e87b5d22b35e01dd42b | shasum -a 256