Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003

Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7885.

2.20 Ik heb mij nog afgevraagd, of aan cassatie van het bestreden arrest op grond van subonderdeel 2.2 in de weg zou kunnen staan, dat de Provincie zich slechts in verband met de beide uitspraken van de Afdeling voor de geschillen van bestuur van 28 september 1992 (met betrekking tot de door [verweerder] aangevochten wijzigingen van de vergunning) op het beginsel van formele rechtskracht heeft beroepen. De Provincie heeft zich, voor zover ik heb kunnen nagaan, nergens uitdrukkelijk en ondubbelzinnig op het standpunt gesteld, dat (ook) aan de oorspronkelijke vergunning (die in beroep overigens eveneens heeft standgehouden(57)) formele rechtskracht toekomt. In dit verband heeft wellicht een rol gespeeld, dat de Provincie, als de oorspronkelijke vergunning in een (mede) door [verweerder] ingesteld Kroonberoep oude stijl heeft standgehouden, zich, vanwege de gebreken die het Kroonberoep oude stijl in verband met art. 6 EVRM aankleefden(58), met een op de oorspronkelijke vergunning toegespitst beroep op formele rechtskracht op glad ijs zou hebben begeven(59). Aan de effectiviteit van het beroep van de Provincie op formele rechtskracht doet dit alles naar mijn mening echter niet af. De oorspronkelijke vergunning is als het ware opgegaan in de wijziging daarvan. In verband met die wijziging heeft een (niet door art. 6 EVRM gemankeerd) rechtsmiddel opengestaan, welk rechtsmiddel ook daadwerkelijk door [verweerder] is benut. In het kader van dat rechtsmiddel kon een mogelijke schending van het beginsel van "égalité devant les charges publiques" opnieuw en ten volle aan de orde komen. Overigens signaleer ik dat het (althans retrospectief) ook daarom veeleer op de gewijzigde dan op de oorspronkelijke vergunning aankomt, omdat, naar ook uit de genoemde uitspraken van de Afdeling voor de geschillen van bestuur blijkt, de stortactiviteiten op de hoogstort feitelijk eerst in oktober 1987 zijn aangevangen, derhalve nadat deze activiteiten ingevolge de oorspronkelijke vergunning (op 14 mei 1987) hadden moeten zijn beëindigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77cf16d2c5ad941ca9b461957cadbbef56143e6009693e87b5d22b35e01dd42b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77cf16d2c5ad941ca9b461957cadbbef56143e6009693e87b5d22b35e01dd42b, en de alinea staat in dat document op bytes 57902 tot 59961.