Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7897.
2.6. In hoger beroep hebben [eiser] c.s. geen grief gericht tegen rov. 7. Dit behoeft op zich geen verwondering te wekken: de omstandigheid dat de litigieuze strook grond was geleverd aan [verweerder] c.s. stond in de redenering van de rechtbank niet in de weg aan een toewijzing van de vordering, mits [eiser] c.s. zouden kunnen bewijzen dat tussen de betrokken partijen anders was overeengekomen. De grieven van [eiser] c.s. waren dan ook gericht tegen de bewijsopdracht in het tussenvonnis (grief 1), respectievelijk tegen de bewijswaardering in het eindvonnis (grieven 2 en 3).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a901912019dabc5eef506ee7c7cdb2c266533af165b37a4d5c25752c31be7bd5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a901912019dabc5eef506ee7c7cdb2c266533af165b37a4d5c25752c31be7bd5, en de alinea staat in dat document op bytes 16170 tot 16765.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a901912019dabc5eef506ee7c7cdb2c266533af165b37a4d5c25752c31be7bd5 | shasum -a 256