Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 92 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7899.

3.27 De door het middel aangekaarte rechtsvraag behoeft m.i. geen beantwoording omdat het middel berust op een verkeerde lezing van 's Hofs arrest. Waar het Hof spreekt van "daarna naar voren gekomen feitenmateriaal" heeft het immers klaarblijkelijk het oog op de stukken die SP c.s. in feitelijke aanleg ter onderbouwing van hun stellingen hebben overgelegd. Deze stukken zijn inderdaad van later datum. Zij hebben evenwel (goeddeels) betrekking op en vormen een bevestiging van hetgeen SP voorafgaand aan de publicatie reeds had vernomen of na onderzoek te weten was gekomen. Op dat laatste doelt het Hof. Dat ligt met name ook besloten in rov. 14.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b31b10654aad97e853f19a78e4159d5e24a34de9d86f761b809e0281ac02281c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b31b10654aad97e853f19a78e4159d5e24a34de9d86f761b809e0281ac02281c, en de alinea staat in dat document op bytes 35191 tot 35854.