Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 94 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7899.

3.29 De steller van het middel kan worden toegegeven dat in het arrest van de Hoge Raad van 24 juni 1983, NJ 1984, 801 MS als omstandigheid, die bij de belangenafweging kan worden betrokken, wordt genoemd "de mate waarin ten tijde van de publikatie de verdenkingen steun vonden in het toen beschikbare feitenmateriaal" (rov. 3.4 onder c).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b31b10654aad97e853f19a78e4159d5e24a34de9d86f761b809e0281ac02281c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b31b10654aad97e853f19a78e4159d5e24a34de9d86f761b809e0281ac02281c, en de alinea staat in dat document op bytes 36030 tot 36382.