Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003

Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF7902.

2.9 [Verweerster] is van dit vonnis in hoger beroep gekomen. Zij komt op tegen het oordeel van de Rechtbank omtrent de onrechtmatigheid van de uitlatingen (grieven 1-4) en formuleert daarnaast onder meer grieven tegen het oordeel van de Rechtbank dat het verbod voorzienbaar zou zijn (grief 6).(10) In het kader van deze laatste grief heeft zij erop gewezen dat er al sinds 1980 problemen zijn in het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot BSE maar dat dat blijkbaar geen probleem gevonden werd omdat de volksgezondheid niet in het geding was (blz. 21). Grief 7 kant zich tegen het oordeel dat zij niet in een nadeliger positie is gekomen dan anderen die door de maatregelen zijn getroffen. In dat verband voert zij aan dat zij "een unieke starter" was, dat anderen zijn gecompenseerd voor vernietigd vlees en dat boeren en mesters wel een compensatie is betaald (blz. 22). De acht importeurs konden direct op "andere producten"(?, JS) overschakelen; alleen [verweerster] kon dat niet, mede omdat zij "een jonge starter" was (blz. 23).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eadf69d26baee704f2ade0312fb6757922189a598d6f2839c33d141983276764. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eadf69d26baee704f2ade0312fb6757922189a598d6f2839c33d141983276764, en de alinea staat in dat document op bytes 15301 tot 16350.