Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2003
Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8050.
19. Dat het Hof de in het middel bedoelde maatstaf - die overigens niet zo ver gaat dat alle van belang zijnde stukken zonder uitzondering in het dossier moeten worden gevoegd, HR NJ 1996, 687 - voor het al dan niet opnemen van stukken in het dossier heeft miskend, blijkt niet uit de motivering van de afwijzing van het verzoek. Daarin ligt immers besloten dat het Hof meent dat het verhoorplan niet een stuk is dat in voor de verdachte belastende of ontlastende zin redelijkerwijs van belang kan zijn (vgl. HR 4 januari 2000, NJ 2000, 537, m.nt. Sch; HR 21 oktober 1997, NJ 1998, 133, m.nt. 't H; HR 7 mei 1996, NJ 1996, 687, m.nt. Sch).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/47403e64a99efe27b1d4dfa62bfb95d11c0a442cd7df6e7a0436dfe7bf4283bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 47403e64a99efe27b1d4dfa62bfb95d11c0a442cd7df6e7a0436dfe7bf4283bc, en de alinea staat in dat document op bytes 21367 tot 22020.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/47403e64a99efe27b1d4dfa62bfb95d11c0a442cd7df6e7a0436dfe7bf4283bc | shasum -a 256