Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003

Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8125.

1.7 De kantonrechter heeft de vordering van de vrouw bij vonnis van 25 oktober 2000 toegewezen en daarbij alle vorderingen beperkt tot in totaal maximaal ƒ 10.000,-. De kantonrechter heeft onder meer overwogen dat partijen het er kennelijk over eens zijn dat de situatie waar de overeenkomst uit 1992 betrekking op heeft nog steeds voortduurt; de studie van de beide dochters duurt nog steeds in redelijkheid voort. Voorts heeft de man niet weersproken dat hij geruime tijd aan de overeenkomst heeft voldaan, doch dat hij daarmee vanaf een zeker moment gedeeltelijk, en later volledig, in gebreke is gebleven, ook nadat de man tot nakoming was aangemaand (rov. 5). Aldus is de gevorderde betalingsachterstand ontstaan vermeerderd met de overeengekomen bedragen van ƒ 2.500,- per kind per jaar in maandelijkse of jaarlijkse termijnen (rov. 6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/922b2d2f0790b63a80909f73fd854bbc3b54cff90997f40710a3f6f1c71b7794. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 922b2d2f0790b63a80909f73fd854bbc3b54cff90997f40710a3f6f1c71b7794, en de alinea staat in dat document op bytes 6954 tot 7811.