Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8274.

16. De eerstbedoelde klacht mist feitelijke grondslag. Het Hof heeft bij zijn oordeelsvorming de slechte gezondheidstoestand van de vrouw in aanmerking genomen (r.o. 12) en aangegeven hoe hij deze omstandigheid in zijn afweging heeft betrokken (r.o. 13). Ook de andere klacht kan niet slagen. Het Hof heeft aan bedoelde vraag aandacht besteed in r.o. 13 en heeft dienaangaande overwogen dat van de vrouw in 1985, toen de kinderen negen en veertien jaar oud waren en nog zorg behoefden, niet gevergd kon worden dat zij full time ging werken, maar dat dit in 1990, toen de kinderen zelfstandiger waren geworden, anders was en dat de vrouw niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij toen niet full time had kunnen gaan werken. Dit oordeel berust op een aan het Hof voorbehouden feitelijke waardering en is niet onbegrijpelijk. Voor zover het onderdeel zich in dit verband beroep op "de gegeven omstandigheden" en "de in de kring van de vrouw bestaande maatschappelijke opvattingen" moet daaraan voorbijgegaan worden, nu niet wordt aangegeven op welke omstandigheden en opvattingen wordt gedoeld en het onderdeel ook niet verwijst naar vindplaatsen in de gedingstukken waar een en ander is gesteld en uitgewerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dccded5b419d3846b4d0684a8cf40de4433a99b6ed7756d7fcf6403bb99f5892. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dccded5b419d3846b4d0684a8cf40de4433a99b6ed7756d7fcf6403bb99f5892, en de alinea staat in dat document op bytes 17879 tot 19097.