Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8274.

18. Ook deze klacht komt mij niet aannemelijk voor. De motiveringsplicht van het Hof bracht niet mee dat het Hof op die vraag had moeten ingaan, nu uit de gedingstukken niet blijkt - het middel noemt ook geen vindplaatsen - dat de vrouw zich erop heeft beroepen dat, ondanks sollicitaties, voor haar een full time baan niet te vinden was. Voor zover het onderdeel zich erop beroept dat het oordeel van het Hof niet valt te rijmen met het oordeel dat de gezondheidstoestand van de vrouw slecht is, verliest het oog dat het laatstbedoelde oordeel betrekking heeft op de gezondheidstoestand van de vrouw ten tijde van de door het Hof gegeven beschikking en mede gerelateerd is aan het na 1990 aan de vrouw overkomen ongeval. Van een ongerijmdheid is geen sprake.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dccded5b419d3846b4d0684a8cf40de4433a99b6ed7756d7fcf6403bb99f5892. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dccded5b419d3846b4d0684a8cf40de4433a99b6ed7756d7fcf6403bb99f5892, en de alinea staat in dat document op bytes 19348 tot 20121.