Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Alinea 43 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8274.

27. Voor zover het onderdeel de klacht doet steunen op de stelling dat op geen enkele wijze is gebleken, en door de man ook niet is gesteld, dat in het convenant rekening is gehouden met het treffen van een voorziening voor het intreden van arbeidsongeschiktheid van de vrouw, kan het evenmin doel treffen. De bestreden beschikking biedt geen aanknopingspunt voor de veronderstelling dat het Hof de grondslag voor zijn oordeel dat de vrouw een arbeidsongeschiktheidsverzekering had moeten afsluiten, heeft gezocht in hetgeen al dan niet in het convenant was voorzien. Het oordeel van het Hof berust klaarblijkelijk enkel op de algemene overweging dat de behoefte van de alimentatiegerechtigde niet ten laste van de alimentatieplichtige kan worden gebracht, indien de alimentatiegerechtigde in de gelegenheid is geweest om inkomensvermindering te voorkomen, maar deze gelegenheid niet heeft benut. Dat oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting. Vgl. HR 29 januari 1988, NJ 1988, 1031 nt. EAAL en HR 24 april 1998, NJ 1998, 603.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dccded5b419d3846b4d0684a8cf40de4433a99b6ed7756d7fcf6403bb99f5892. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dccded5b419d3846b4d0684a8cf40de4433a99b6ed7756d7fcf6403bb99f5892, en de alinea staat in dat document op bytes 26320 tot 27371.