Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2003

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8528.

19. Ik wijs erop dat in HR 24 maart 1998, NJ 1998, 537 is uitgemaakt dat de concrete omstandigheden van het geval bepalend zijn voor de beantwoording van de vraag of er een toereikend verband bestaat tussen de bewezenverklaarde handeling en de door de rechthebbende geleden schade om te kunnen aannemen dat door die handeling rechtstreeks schade is geleden. De Hoge Raad bepaalde in deze zaak dat de aan het middel kennelijk ten grondslag liggende opvatting dat de strafbaarstelling van heling niet (mede) strekt tot bescherming van het belang van de rechthebbende op het geheelde goed en dat een bestolene reeds daarom niet als benadeelde partij aanspraak kan maken op vergoeding van zijn schade door de heler, niet juist is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1dd4177eaaaeb2fe75b5c140de0fe615ee32c27e3e2500eaef04e438d1475261. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1dd4177eaaaeb2fe75b5c140de0fe615ee32c27e3e2500eaef04e438d1475261, en de alinea staat in dat document op bytes 17540 tot 18279.