Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 september 2003
Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 26 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8575.
d) dat in het licht van [eiser]s mening (dat de moeder wist wat zij deed en bovendien geen handtekening onder een brief of overeenkomst plaatste, waar zij niet achterstond) aan die verklaring de consequentie dient te worden verbonden dat de optie-overeenkomst tegen de uitdrukkelijke wil van de moeder is aangegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/884178bdb1f55ea0115388918e44a328d2e68fb096f75cda281048373e529373. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 884178bdb1f55ea0115388918e44a328d2e68fb096f75cda281048373e529373, en de alinea staat in dat document op bytes 30446 tot 30774.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/884178bdb1f55ea0115388918e44a328d2e68fb096f75cda281048373e529373 | shasum -a 256