Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2003

Alinea 10 Parket bij de Hoge Raad 2 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8751.

4. Bij de processtukken bevinden zich een dagvaarding in hoger beroep om te verschijnen ter terechtzitting van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 29 maart 2002 en een akte van uitreiking. De akte van uitreiking houdt in dat de gerechtelijke brief op 12 februari 2002 is uitgereikt aan de (waarnemend) griffier van de rechtbank te 's-Gravenhage, omdat van de geadresseerde geen woon- of verblijfplaats in Nederland bekend was. In de volgende rubriek staat met de hand bijgeschreven dat de griffier de brief op 12 februari 2002 heeft ontvangen en opgelegd. In strijd daarmee vermeldt de laatste rubriek dat de advocaat-generaal de gerechtelijke brief op 12 februari 2002 als gewone brief heeft verzonden aan het adres dat is vermeld op de voorzijde van de akte. Daar staat als adres vermeld:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc960bec531290024bfba47488a0b544a56bf8b799755ac491e10883af445720. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc960bec531290024bfba47488a0b544a56bf8b799755ac491e10883af445720, en de alinea staat in dat document op bytes 5191 tot 5996.