Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 september 2003
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 9 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8779.
25. Afgaande op de recente jurisprudentie kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat ook de Hoge Raad aan de strafvermindering op grond van schending van de redelijke termijn enigszins paal en perk heeft willen stellen. Zo werd in de zaak HR 25 maart 2003, LJN: AF5388, Nieuwsbrief Strafrecht 2003, nr. 155, waarin de verdachte terzake van twee verkrachtingen en een doodslag tot 18 jaar gevangenisstraf en TBS was veroordeeld, een forse overschrijding van de redelijke termijn (de inzendingstermijn bedroeg bijna 16 maanden bij een totale duur in cassatie van meer dan 22 maanden) met een strafvermindering van 'slechts' zes maanden gesanctioneerd, terwijl op basis van de in HR NJ 2000, 721 gestelde regels een grotere korting op zijn plaats zou zijn geweest. Een grotere korting had zonder risico's kunnen worden gegeven, aangezien het gevaar voor de maatschappij dat van eerdere vrijlating van die verdachte zou kunnen uitgaan door het vangnet van de tevens opgelegde tbs wordt geneutraliseerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23462c76c074eceda4a9328e1edddca3dc84d2b84ae206b37d61b121ffd4cb7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23462c76c074eceda4a9328e1edddca3dc84d2b84ae206b37d61b121ffd4cb7d, en de alinea staat in dat document op bytes 19636 tot 20649.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/23462c76c074eceda4a9328e1edddca3dc84d2b84ae206b37d61b121ffd4cb7d | shasum -a 256