Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8841.
2.20 Ook de klacht dat het hof zou hebben miskend dat de afschrijving op het onroerend goed is bedoeld om te zijner tijd te voorzien in vervanging (onderdeel b), faalt. Een eventueel nieuw pand kan worden gefinancierd met de opbrengst van het te vervangen (en in waarde gestegen) pand. Iets anders is, dat het niet onredelijk is de waardestijging van het onroerend goed buiten beschouwing te laten als ook de vervanging daarvan duurder is geworden(21), maar dat is met de klacht van het onderdeel niet aan de orde. De vrouw heeft, anders dan de man in cassatie stelt, intussen wel degelijk aangevoerd dat de afschrijving op het onroerend goed buiten beschouwing moet worden gelaten(22). Het hof is er kennelijk van uitgegaan dat de afschrijving de winst en de draagkracht van de man ten onrechte drukt. Het tweede middel faalt eveneens.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7e98abdb6f4a1761d735707ea6d33ca3cd0eea9353e0679d7572081f10237999. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7e98abdb6f4a1761d735707ea6d33ca3cd0eea9353e0679d7572081f10237999, en de alinea staat in dat document op bytes 30573 tot 31422.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7e98abdb6f4a1761d735707ea6d33ca3cd0eea9353e0679d7572081f10237999 | shasum -a 256