Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8844.

3.4 ING heeft in deze zaak het standpunt ingenomen dat het voorgaande niet aan de orde is, omdat betaling door de zoon niet voor de vader was bestemd, maar voor de bank teneinde voldoening van de bank te bewerkstelligen. Daartoe heeft ING zowel in eerste aanleg als in hoger beroep aangevoerd dat de vader en de zoon in het kader van de koopovereenkomst zijn overeengekomen dat de zoon onder meer de bedrijfsschuld van de vader aan ING zou 'overnemen'. In dit verband is diverse malen de term 'schuldoverneming' gebruikt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd345b8a9723771f5000d9a227f9a3bb18df9495911e1e52e9180d1663b461fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd345b8a9723771f5000d9a227f9a3bb18df9495911e1e52e9180d1663b461fd, en de alinea staat in dat document op bytes 14506 tot 15041.