Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8844.

3.12. ING heeft bewijs aangeboden van het bestaan van de schuldoverneming. Het hof heeft dit bewijsaanbod gepasseerd. Hiertegen komt onderdeel 4 van het cassatiemiddel tevergeefs op, omdat het hof terecht aan dit bewijsaanbod voorbij is gegaan. Dit aanbod kan immers tot niets leiden, wanneer men, zoals het hof in navolging van de rechtbank niet onbegrijpelijk heeft gedaan, ervan uitgaat dat de zoon hoe dan ook aan de vader wilde betalen. ING heeft voorts bewijs aangeboden van de omstandigheid dat de zoon op het moment van de betaling geen debiteur meer was van de vader. Ook dit bewijsaanbod kan niet tot een andere uitkomst van het geding leiden, als ervan wordt uitgegaan dat de zoon hoe dan ook aan de vader wilde betalen. Ook dit bewijsaanbod heeft het hof dan ook terecht als niet terzake dienend gepasseerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd345b8a9723771f5000d9a227f9a3bb18df9495911e1e52e9180d1663b461fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd345b8a9723771f5000d9a227f9a3bb18df9495911e1e52e9180d1663b461fd, en de alinea staat in dat document op bytes 23808 tot 24641.