Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 50 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF8844.

3.13. Onderdeel 5a bevat tenslotte een betoog over het al dan niet bestaande debiteurschap van de zoon ten opzichte van de vader. M.i. is dit betoog niet relevant en kan dan ook niet tot cassatie leiden, omdat het hof op goede gronden heeft aangenomen dat de zoon via de rekening courant simpelweg aan de vader heeft betaald. Hier staat de interne relatie tussen de vader en de zoon verder buiten. Onderdeel 5b voert nog aan dat het voldoen door de zoon aan een verbintenis jegens de vader er niet aan in de weg staat dat de zoon een schuld van de vader aan ING voldeed. Op zich is dit m.i. juist, maar het is niet relevant, nu het hof feitelijk heeft vastgesteld dat de zoon heeft beoogd een betaling aan de vader te doen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd345b8a9723771f5000d9a227f9a3bb18df9495911e1e52e9180d1663b461fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd345b8a9723771f5000d9a227f9a3bb18df9495911e1e52e9180d1663b461fd, en de alinea staat in dat document op bytes 24661 tot 25398.