Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9413.

In de brief van 20 april 1998 hebben Ankara c.s. niet gemeld dat zij nakoming van de overeenkomst wensten, noch hebben zij zich beroepen op de door [verweerster] verstrekte garantie. In deze brief hebben Ankara c.s. aan [verweerster] (slechts) meegedeeld dat zij de versuikerde honing moest terugnemen en de door Ankara c.s. betaalde USD 30.000,- moest terugbetalen. Dat brengt volgens het hof mee dat de brief niet gezien kan worden als een ingebrekestelling en dat de voor de ontbinding van de overeenkomst noodzakelijke toestand van verzuim aan de zijde van [verweerster] niet is ingetreden. Naar het oordeel van het hof dient aan Ankara c.s. te worden verweten dat zij hebben nagelaten [verweerster] in de gelegenheid te stellen de overeenkomst respectievelijk de vervangingsgarantie na te komen. Derhalve zijn Ankara c.s. met de opschorting van hun betalingsverplichting in verzuim geraakt (r.o. 4.6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a26e928dd7643cdb82ca72b4ca5b45acab31ed4a82be9a547febab21d896d061. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a26e928dd7643cdb82ca72b4ca5b45acab31ed4a82be9a547febab21d896d061, en de alinea staat in dat document op bytes 12953 tot 13872.