Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9416.

"4.4.2. Voorts kan niet gezegd worden dat de schade voor [verweerder] reeds eind juli 1991 vaststond. Niet alleen niet staat niet vast dat de brief van 26 juli 1991 waarop [eiser] in dit verband doelt onmiddellijk bekend is geworden bij [verweerder], maar bovendien wordt door de belastingdienst in de brief gewezen op de mogelijkheid bezwaar te maken. [eiser] heeft ook daadwerkelijk bezwaar aangetekend, waarop eerst bij uitspraak van 7 augustus 1992 negatief is beslist. Eerst op dat moment (althans op het moment dat [verweerder] van deze uitspraak op de hoogte kwam) moest [verweerder] ervan uitgaan dat de belastingdienst het standpunt van [eiser] niet wenste volgen. Voordien mocht hij er redelijkerwijs op vertrouwen dat het voor hem door [eiser] ingediende bezwaar succes zou kunnen hebben; in ieder geval kan [eiser], die zelf het bezwaarschrift voor [verweerder] heeft ingediend, zich thans ter afwering van aansprakelijkheid niet op het standpunt stellen dat een dergelijk bezwaarschrift zinloos was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d01a485b2b9fbcd751544ff9ce26484ee34d60285e42a21a8c35491157da0ed3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d01a485b2b9fbcd751544ff9ce26484ee34d60285e42a21a8c35491157da0ed3, en de alinea staat in dat document op bytes 11714 tot 12739.