Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9416.

9. Bij de beoordeling van deze klachten dient het volgende te worden vooropgesteld. Ingevolge art. 3:310 lid 1 BW verjaart een rechtsvordering tot vergoeding van schade door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de benadeelde zowel met de schade als met de daarvoor aansprakelijke persoon bekend is geworden en in ieder geval door verloop van twintig jaren na de gebeurtenis waardoor de schade is veroorzaakt. De bekendheid vereist voor het aanvangen van de vijfjaarstermijn dient subjectief te worden opgevat als een daadwerkelijke bekendheid; het redelijkerwijs kenbaar zijn van de schade is niet voldoende. Dat de benadeelde daadwerkelijk met zijn schade bekend was, dient te worden gesteld en zo nodig bewezen door degene die zich op verjaring beroept, zij het dat de rechter, indien de benadeelde de bekendheid betwist, die bekendheid zal kunnen afleiden uit bepaalde ten processe gebleken feiten of omstandigheden. De rechter zal in een zodanig geval tot de slotsom kunnen komen dat op grond van die feiten en omstandigheden voorshands, dat wil zeggen behoudens door de benadeelde te leveren tegenbewijs, moet worden aangenomen dat de benadeelde daadwerkelijk bekend was met de schade en de daarvoor aansprakelijke persoon. Zie: HR 6 april 2001, NJ 2002, 383 en HR 20 april 2001, NJ 2002, 384, m.nt. HJS (bij beide arresten) en voorts HR 24 januari 2003, RvdW 2003, 27. In laatstgenoemd arrest, waarin het ging om schade die verband hield met een beroepsziekte, stelde Uw Raad voorop dat het enkele vermoeden van het bestaan van schade onvoldoende is om daadwerkelijke bekendheid met de schade aan te nemen. Als sprake is van lichamelijke klachten waarvan de herkomst niet zonder meer duidelijk is, kan - aldus Uw Raad - van bekendheid met de schade pas sprake zijn wanneer met voldoende mate van zekerheid is vastgesteld waardoor deze klachten zijn ontstaan; Uw Raad voegde daaraan toe dat deze vereiste mate van zekerheid - die niet een absolute zekerheid behoeft te zijn - in het algemeen pas aanwezig zal zijn wanneer deze oorzaak door te dier zake deskundige artsen is gediagnostiseerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d01a485b2b9fbcd751544ff9ce26484ee34d60285e42a21a8c35491157da0ed3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d01a485b2b9fbcd751544ff9ce26484ee34d60285e42a21a8c35491157da0ed3, en de alinea staat in dat document op bytes 16057 tot 18201.