Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 september 2003
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 23 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9425.
2 Zie HR 29 juni 1993, NJ 1994, 68 m.nt. ThWvV. Weliswaar ging het in die zaak om art. 408 lid 1 aanhef en onder a Sv zoals dat luidde voor de inwerkingtreding op 1 mei 1992 van de Wet van 27 november 1991, Stb. 663, maar zulks is voor de onderhavige zaak niet van belang, omdat in de tekst van het huidige art. 408 lid 1 aanhef en onder a Sv nog steeds de voorwaarde "indien de dagvaarding om ter terechtzitting te verschijnen de verdachte in persoon is betekend" is opgenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/53baf2a8790cd48946a10b132ff4f1a7dd962622393d1c3906bed8505b5a40e5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 53baf2a8790cd48946a10b132ff4f1a7dd962622393d1c3906bed8505b5a40e5, en de alinea staat in dat document op bytes 11702 tot 12193.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/53baf2a8790cd48946a10b132ff4f1a7dd962622393d1c3906bed8505b5a40e5 | shasum -a 256