Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003
Alinea 91 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9440.
2.38 Subonderdeel 3c klaagt dat de ondernemingskamer heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting, althans haar oordeel onvoldoende heeft gemotiveerd, door te oordelen dat [verweerder in cassatie] onder de in het subonderdeel aangehaalde omstandigheden heeft te gelden als een certificaathouder in de zin van art. 2:346 BW. De ondernemingskamer heeft - aldus het subonderdeel - miskend dat een persoon die economisch rechthebbende op de certificaten van aandelen in de vennootschap is, alleen dan een certificaathouder in de zin van art. 2:346 BW is indien hij een rechtstreekse contractuele relatie met de aandeelhouder heeft, welke rechtstreekse contractuele relatie in casu ontbreekt, althans dat er sprake moet zijn van een niet te ver verwijderd verband tussen de aandeelhouder en de certificaathouder welk verband in casu ontbreekt, althans zonder nadere motivering niet begrijpelijk is waarom de ondernemingskamer van oordeel is dat die nauwe band bestaat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/07b7c4b011ec6fd14fa1efbd193acef56efac443b4e36c0b58403dbd533ba8ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 07b7c4b011ec6fd14fa1efbd193acef56efac443b4e36c0b58403dbd533ba8ae, en de alinea staat in dat document op bytes 49186 tot 50170.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/07b7c4b011ec6fd14fa1efbd193acef56efac443b4e36c0b58403dbd533ba8ae | shasum -a 256