Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9444.

De in het onderhavige geval vaststaande omstandigheden dat de onderhavige overeenkomst is gesloten als alternatief voor alimentatie en dat [verweerster] door [eiseres] van meet af aan is vrijgesteld van arbeid en dat [verweerster] nimmer feitelijk werkzaamheden heeft verricht zoals in de overeenkomst voorzien(2), nopen mijns inziens - bij gebreke van uit de gedingstukken blijkende omstandigheden die in de richting van het tegendeel wijzen - tot de conclusie dat de tussen partijen gesloten overeenkomst niet de verplichting tot het verrichten van arbeid en evenmin het element van de gezagsverhouding bevat. Van een arbeidsovereenkomst kan daarom geen sprake zijn.(3)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ec0385c05e803656ed2b9b93f8b247809afd8c83652ca2562ef73bf23e287ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ec0385c05e803656ed2b9b93f8b247809afd8c83652ca2562ef73bf23e287ae, en de alinea staat in dat document op bytes 12700 tot 13385.