Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2003

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9446.

12. Dit betoog faalt m.i. Weliswaar is juist dat bij de beoordeling van de vraag of aannemelijk is dat de verhuurder het verhuurde persoonlijk als art. 7A:1624 BW-bedrijfsruimte in duurzaam gebruik wil nemen, beslissend is of dat voornemen ten tijde van de beslissing van de rechter aanwezig is (vgl. HR 14 juni 1974, NJ 1974, 428), maar dat sluit niet uit dat bij de beoordeling van de vraag of dat voornemen ten tijde van de beslissing ook daadwerkelijk bij de verhuurder aanwezig is, door de rechter acht mag worden geslagen op eerdere uitlatingen en gedragingen van de verhuurder.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ace93b4a176468c887e89521f062b2a1685d1858d65e7e0bc71400ea8d9d33e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ace93b4a176468c887e89521f062b2a1685d1858d65e7e0bc71400ea8d9d33e4, en de alinea staat in dat document op bytes 11887 tot 12484.