Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003

Alinea 102 Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9710.

4.12. Het is juist, dat uit de cursief aangehaalde passage blijkt dat het antilichaam volgens Wistar specifiek reageert met "the 180,000 molecular weigth form of CEA". M.i. dwingt deze passage het hof niet tot het oordeel dat het CEA van [verweerders] iets anders is. Het hof bedoelt kennelijk dat, wanneer het CEA van [verweerders] wordt opgevat als een stof waarvan het molecuulgewicht kan variëren van 180.000 tot 200.000 Dalton CEA, de gemiddelde vakman uit de omschrijving van octrooiconclusie nr. 1 (in de oorspronkelijke vorm) zal afleiden dat het om hetzelfde CEA gaat waarvoor in het Wistar-octrooi al een antilichaam was uitgevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219, en de alinea staat in dat document op bytes 61462 tot 62120.