Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003

Alinea 113 Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9710.

4.20. Middel II richt zich tegen de veroordeling van [verweerders] in de proceskosten in beide instanties. Het hof heeft hen aangemerkt als de overwegend in het ongelijk gestelde partij. De kostenveroordeling is niet onbegrijpelijk: het appel van de Roche-vennootschappen heeft ertoe geleid dat het beroepen vonnis werd vernietigd en de vordering tot nietigverklaring gedeeltelijk werd toegewezen. Of het gedeelte, waarvoor [verweerders] in het ongelijk werden gesteld zodanig important was dat dit een veroordeling in alle proceskosten rechtvaardigt en niet een gedeeltelijke compensatie daarvan, staat niet ter beoordeling van de cassatierechter. Naar vaste rechtspraak is de beslissing omtrent de proceskosten voorbehouden aan de feitenrechter(20). De onderhavige zaak biedt geen aanleiding om op die jurisprudentie terug te komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219, en de alinea staat in dat document op bytes 66621 tot 67469.