Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003
Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9710.
3.24. Subonderdeel 1.10 houdt verband met het voorgaande, maar bevat een procedureel argument. Zoals het subonderdeel stelt, hebben [verweerders] eerst bij memorie van antwoord d.d. 3 februari 2000 laten weten dat zij, zij het slechts subsidiair, bereid waren genoegen te nemen met een octrooi dat geclausuleerd wordt op dezelfde wijze als in de Duitse procedure. 28 dagen later vond het pleidooi in appel plaats. M.i. kan niet worden gezegd dat de norm van hoor en wederhoor is geschonden doordat tussen de memorie en het pleidooi maar 28 dagen zaten. In beginsel is die termijn voldoende voor het voorbereiden van een pleidooi. Voor zover met het subonderdeel is bedoeld dat zij door de (subsidiair) door [verweerders] voorgestelde wijziging onvoldoende tijd hadden om hun stellingen te onderbouwen met proefnemingen, blijkt uit de gedingstukken niet dat zij voor dat doel aanhouding van de zaak hebben verzocht; desnoods hadden zij bewijs op dit punt kunnen aanbieden. De slotsom is dat onderdeel 1 faalt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219, en de alinea staat in dat document op bytes 41757 tot 42778.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219 | shasum -a 256