Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003
Alinea 84 Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9710.
3.34. In hun s.t. doen de Roche-vennootschappen een beroep op jurisprudentie van de Technische Kamer van Beroep van het Europees Octrooibureau, welke jurisprudentie inhoudt dat wanneer een document een chemische samenstelling met een laag molecuulgewicht openbaart en de wijze van bereiden daarvan, dit in het algemeen voor de gemiddelde vakman voldoende is om deze samenstelling in elke door hem gewenste graad van zuiverheid na te maken(16). Deze regel lijkt mij alleszins bruikbaar als algemeen uitgangspunt. Dat wil echter niet zeggen dat ook in dít geval de publicatie van Matsuoka c.s. voor de gemiddelde vakman voldoende is om MA in de benodigde graad van zuiverheid te bereiden. [Verweerders] erkennen dat het door Matsuoka c.s. beschreven antigeen valt aan te merken als MA. Zij hebben echter uiteengezet dat in het antigeen volgens Matsuoka c.s. ook sporen van CEA zijn te vinden. Wanneer een antilichaam specifiek bindt met dit antigeen, is er volgens [verweerders] geen garantie voor de geschikheid als tumor-marker: pas wanneer binding met de epitopen van MA en NCA uitgesloten is, voldoet het aan de eisen voor een klasse III antilichaam.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219, en de alinea staat in dat document op bytes 50877 tot 52044.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/71b2226a5bcd0bd63ad851f388d7b967b3a997d7544946a0867a32074ddd5219 | shasum -a 256