Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9716.

3.1 In het middel klaagt [verzoeker] dat het hof het begrip "fraude" onjuist heeft toegepast. [verzoeker] voert in cassatie aan dat hij zowel bij de Rabobank als de ABN-Amrobank onder verantwoordelijkheid van zijn directe chef handelingen heeft verricht die ten onrechte als frauduleus worden bestempeld en die hij op straffe van ontslag op staande voet wegens werkweigering niet kon nalaten. Volgens [verzoeker] was het een ingesleten gebruik om met aandelen te handelen en te beleggen, zoals is geschied. Pas toen het beursklimaat omsloeg zijn er problemen ontstaan, waarbij in de hogere echelons van de banken tekorten zijn opgevallen. Daardoor moesten [verzoeker] en zijn directe chef het veld ruimen. De vermeende frauduleuze handelingen vormen geen grond voor afwijzing van het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, aldus nog steeds [verzoeker].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/890fa7c7c3215eb1c892285f0602d7bb0a3cd336d5fa4ebe675ee1dcbf1d1766. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 890fa7c7c3215eb1c892285f0602d7bb0a3cd336d5fa4ebe675ee1dcbf1d1766, en de alinea staat in dat document op bytes 11823 tot 12704.