Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003
Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF9716.
3.5 In het cassatiemiddel wordt overigens een beroep gedaan op een aantal omstandigheden die [verzoeker] in de feitelijke instanties niet heeft aangevoerd. [verzoeker] stelt in cassatie dat hij de frauduleuze handelingen zowel bij de ABN-Amrobank als bij de Rabobank onder verantwoordelijkheid van zijn directe chef verrichtte en dat, als hij niet aan de betrokken praktijken zou hebben deelgenomen, hij wegens werkweigering op staande voet zou zijn ontslagen. Voorts stelt [verzoeker] dat het een ingesleten gebruik was om met aandelen te handelen en te beleggen, zoals is geschied. Met deze nieuwe feitelijke omstandigheden, die in cassatie een ontoelaatbaar novum vormen, kan bij de beoordeling van het cassatieberoep geen rekening worden gehouden. Ook om die reden faalt het middel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/890fa7c7c3215eb1c892285f0602d7bb0a3cd336d5fa4ebe675ee1dcbf1d1766. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 890fa7c7c3215eb1c892285f0602d7bb0a3cd336d5fa4ebe675ee1dcbf1d1766, en de alinea staat in dat document op bytes 15370 tot 16170.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/890fa7c7c3215eb1c892285f0602d7bb0a3cd336d5fa4ebe675ee1dcbf1d1766 | shasum -a 256